Bodemonderzoek Diffuus lood

Lood in de bodem kan een risico zijn voor de gezondheid, vooral voor jonge kinderen. Onderzoek laat zien dat de huidige grenswaarde voor lood in de bodem kinderen niet genoeg beschermt.

De GGD adviseert gemeenten over gezondheidsrisico’s in de omgeving en hoe zij bewoners hierover kunnen informeren. In 2016 maakte de werkgroep Bodem van GGD GHOR Nederland een advies over lood in de bodem en gezondheid. Dit advies helpt gemeenten om een eenduidig beleid te voeren.

Gemeenten, provincies en omgevingsdiensten vroegen daarna hoe zij dit advies in de praktijk kunnen toepassen. Daarom gaf de werkgroep in 2016 een korte toelichting bij het advies.

Sinds 2016 is er nieuwe informatie beschikbaar over de effecten van lood op de gezondheid. Deze nieuwe inzichten zijn de reden om de toelichting te actualiseren.

Bodemonderzoek naar lood uitgevoerd door de provincie Noord-Brabant

De provincie Noord-Brabant heeft op verzoek van het Rijk bodemonderzoek uitgevoerd naar lood in de grond. Aanleiding hiervoor zijn onderzoeken van het RIVM. Daaruit blijkt dat lood in de bodem voor kinderen tot 6 jaar meer gezondheidsrisico's kan hebben dan eerder werd gedacht.

Het onderzoek richtte zich daarom vooral op plaatsen waar jonge kinderen spelen of verblijven. Voor dit project heeft de provincie geld van het Rijk ontvangen. De provincie voert het onderzoek ook grotendeels uit namens de gemeente. Meer informatie hierover kunt u vinden op https://www.brabant.nl/onderwerpen/milieu/zeer-zorgwekkende-stoffen/bodemlood/

In onze gemeente waren 67 locaties geselecteerd voor onderzoek. Op 31 locaties is uiteindelijk bodemonderzoek uitgevoerd. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd. Het ging om speelplaatsen en moestuincomplexen waar mensen in contact kunnen komen met onbedekte grond.

Op sommige locaties was onderzoek niet nodig. Bijvoorbeeld omdat de grond was afgedekt met een dikke laag boomschors. Andere locaties konden niet worden onderzocht omdat ze niet openbaar toegankelijk waren of omdat geen toestemming was gegeven. Deze locaties vallen daarom buiten dit project.

Resultaten: op vier locaties meer lood in de bodem

Uit het onderzoek blijkt dat op vier locaties meer lood in de bodem zit dan wenselijk is. Op deze locaties worden maatregelen genomen om contact met de vervuilde grond te voorkomen.

De hoeveelheid lood in de bodem wordt beoordeeld als matig verhoogd. Dat betekent dat het advies is om de bodem op een natuurlijk moment aan te pakken, bijvoorbeeld wanneer de speelplaats opnieuw wordt ingericht.

Er is geen direct gevaar voor de gezondheid van kinderen of andere gebruikers van de speeltuinen. Wel blijft het belangrijk om goede hygiëne in acht te nemen. Was bijvoorbeeld de handen na het buitenspelen. Meer tips en maatregelen kun je vinden op de website van de GGD (klik hier).

Op alle andere onderzochte locaties is de bodemkwaliteit voldoende. Daar zijn geen maatregelen nodig.

Vervolg: sanering van de bodem

De provincie Noord-Brabant zorgt voor de uitvoering van de bodemsanering. Vooraf haalt de gemeente de speeltoestellen tijdelijk weg. Dit gebeurt over ongeveer twee weken. Omwonenden hebben hierover een brief ontvangen.

De voorbereidingen voor de sanering zijn gestart. De werkzaamheden worden later dit jaar uitgevoerd.

Na afloop van de sanering bekijkt de gemeente of de speeltoestellen worden teruggeplaatst. Daarbij volgt de gemeente de uitgangspunten van het Speelruimteplan.

Hoe komt lood in de bodem?

Vroeger werd lood veel gebruikt. Het zat bijvoorbeeld in verf, waterleidingen, benzine en dakplaten. Het was toen nog niet bekend dat lood slecht voor de gezondheid is. Afval met lood gooiden ze op de grond. De grond is vervolgens gebruikt om bijvoorbeeld gedeelten op te hogen. Zo kwam op verschillende plekken lood in de grond. Lood blijft daar dan liggen, want het verplaatst zich niet via water of lucht. Het breekt ook niet af in de grond.

Heb je vragen?

Heb je vragen over lood? Of maak je je zorgen over je gezondheid? Neem dan contact op de met de GGD.