Sluiten

Openbare besluitenlijst 15 januari 2013

Roks, M.

Jeugdzorg

 In 2012 is in subregionaal verband gewerkt aan het nieuwe stelsel voor zorg en jeugd. Zo’n nieuw stelsel moet er komen omdat een paar jaar eerder al was gebleken dat in de Jeugdzorg de doelstellingen maar in beperkte mate werden gehaald. Daarom werd toen (2009 besloten om de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg over te hevelen van Rijk en Provincie, naar gemeenten. Dat wordt de zogenaamde decentralisatie van de jeugdzorg genoemd.

Gemeenten krijgen per 1 januari 2015 de volgende verantwoordelijkheden:

Gespecialiseerde jeugdhulp

Jeugd GGZ

Jeugd met een licht verstandelijke beperking

Jeugdbescherming

Jeugdreclassering

Gesloten jeugdzorg

De overheveling van taken wordt de transitie van jeugdzorg genoemd. Omdat de transitie gepaard gaat met een forse korting op het budget en het huidige stelsel niet volstaat voor adequate zorg en ondersteuning zal het oude stelsel voor jeugdzorg vervangen moeten worden door een efficiënter stelsel. De kern van de (landelijke) trend is dat er meer geïnvesteerd moet worden in het versterken van de eigen kracht van gezinnen, het organiseren van de zorg rondom gezinnen in plaats van vroegtijdig doorverwijzen en beter afgestemde zorg.

Samen met (vertegenwoordigers) van ouders en jeugd en partners uit het jeugdveld is een schets van het gewenste stelsel Zorg voor Jeugd 2015 gemaakt. Het college heeft ingestemd met deze schets en via een bestuursopdracht opdracht gegeven om de schets Zorg voor Jeugd 2015 in 2013 nader uit te werken. Dit wordt ook wel de inrichtingsfase genoemd.

Het college verleent een subsidie van € 12.938,85 aan Bureau Jeugdzorg om de pilot Gezinskracht in het eerste kwartaal van 2013 voort te kunnen zetten.

Portefeuillehouder wethouder Arjan van der Weegen

Beleidsregels sociaal medische indicatie kinderopvang

Per 1 januari 2013 is de Wet kinderopvang gewijzigd. De gemeente blijft wel verantwoordelijk voor het vergoeden van de aanvullende compensatie van de eigen bijdrage voor de doelgroepouders. Deze beleidsregels moeten worden vastgesteld zodat duidelijk is wie in aanmerking komt voor de compensatie.

Voor de Sociaal Medische Indicatie, die niet in de wet is opgenomen, is het eveneens nodig beleidsregels vast te stellen zodat voor de aanvragers duidelijk is wie er voor in aanmerking komt, aan welke voorwaarden voldaan moet worden en wat de hoogte is van de tegemoetkoming.

Portefeuillehouders wethouders Arjan van der Weegen en Ad Coppens

Klanttevredenheidsonderzoek

Het college heeft kennisgenomen van het Wmo Klanttevredenheidsonderzoek 2011.

Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is de gemeente verplicht om jaarlijks een klanttevredenheidsonderzoek uit te (laten) voeren onder personen die een aanvraag hebben ingediend voor een Wmo-voorziening.

Het klanttevredenheidsonderzoek over 2011 is in augustus 2012 uitgevoerd. Er zijn telefonische enquêtes afgenomen bij totaal 136 personen. Zowel personen die een voorziening toegekend kregen als personen bij wie de aanvraag is afgewezen, zijn in het klanttevredenheidsonderzoek meegenomen. Van het onderzoek is een rapportage opgesteld. Hieruit blijkt dat een overgrote meerderheid van de respondenten tevreden tot zeer tevreden is over zijn of haar Wmo-voorziening en het proces van aanvraag en afhandeling daarbij. Dit geldt voor zowel Hulp bij het Huishouden als voor de overige Wmo-voorzieningen (rolstoel-, vervoers- en woonvoorzieningen). Ook blijkt uit het onderzoek dat de voorzieningen het beoogde resultaat bereiken en dat verstrekkingen van Wmo-voorzieningen en de participatie van haar gebruikers in de maatschappij vergroot.

Portefeuillehouder wethouder Arjan van der Weegen

Klanttevredenheidsonderzoek 2011

Concept-verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning

Het college legt de aangepaste concept-verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Bergen op zoom 2013 ter inzage. Vanwege de op de langere termijn toenemende vergrijzing, met als gevolg een toenemende druk op (individuele) voorzieningen binnen de Wmo, is het noodzakelijk de compensatieplicht van de gemeente anders vorm te geven. Deze nieuwe vormgeving wordt ‘de kanteling’ genoemd. Op dit moment wordt er binnen de Wmo ‘claim- en aanbodgericht’ gwewerkt. Dat houdt in dat een inwoner een aanvraag indient en de gemeente beoordeelt of de inwoner daar wel of niet voor in aanmerking komt. De bedoeling is om deze manier van werken te veranderen en dat de gemeente samen met de klant onderzoekt wat de problemen zijn en hoe deze problemen opgelost kunnen worden.

Via een gesprek wordt in kaart gebracht wat de belemmeringen van de burger zijn, wat zijn/haar gewenste resultaat is en hoe dit resultaat behaald kan worden. Het uitgangspunt hierbij is maatwerk waarbij de participatie en eigen kracht van de burger en zijn leefomgeving (nog meer) centraal komen te staan.

Portefeuillehouder wethouder Arjan van der Weegen

Persoonlijke bespiegelingen en midterm review

De gemeenteraad krijgt deze week een boekje aangeboden waarin het college het het managementteam persoonlijke bespiegelingen geven op de ambities die er zijn met Bergen op Zoom. De verhalen beschrijven ieder een eigen deel, maar zijn samen verrassend compleet. De persoonlijke bespiegelingen zijn opgenomen in een boekje dat de titel ‘Monologen aan de wortels van de stad’ draagt.

Het college sprak eerder af om halverwege de bestuursperiode de stand van zaken op te maken. In de ringband is die tussenstand van het collegeprogramma opgenomen. Resultaten en ambities afgezet tegen de afspraken aan het begin en welke ontwikkelingen van invloed zijn op het realiteitsgehalte van het gevoerde beleid.

Portefeuillehouder burgemeester Han Polman

Verzoek tot toestemming verkoop en uitstel renovatietermijn Stationszicht

Het college heeft ingestemd met de gevraagde toestemming tot doorverkoop van het pand Stationszicht ten behoeve van wonen. Daaraan wordt wel een aantal voorwaarden verbonden:

Er dient sprake te zijn van maximaal 8 wooneenheden (7 op verdiepingen, 1 op maaiveld aan de Stationsstraat) en realisatie van een publieke functie achter de glazen pui aan het Stationsplein;

De 8 wooneenheden zijn daarbij door Stadlander uit te ruilen met het uit te werken woonprogramma op het Veoliaterrein en/of aanvullende afspraken over sloop/minder productie elders;

Het parkeren ten behoeve van Stationszicht is met 5 gereserveerde plaatsen binnen de toekomstige stallingsgarage plus de afkoop van 2 plaatsen (als onderdeel van de reeds afgekochte 25 plaatsen voor het programma voor het programma op de Veolialocatie) voldoende voorzien.

Omdat de tijdsafspraken voor de renovatie van Stationszicht inmiddels zijn overschreden stelt de gemeente Stadlander een uiterste termijn van 3 maanden voor om te berichten en aan te tonen dat zij zelf of via koper tot een concrete uitvoering komt. Bij verdere ingebrekestelling zal overgegaan worden tot inzet van de boeteclausule.

Portefeuillehouders wethouders Ton Linssen en Ad van der Wegen

Uitgelicht

Zoeken